Bel ons op +31 33 45 06 506

Maatregelen Wet aanpak schijnconstructies (WAS) 

Doel Wet aanpak schijnconstructies (WAS):

Het voorkomen van oneerlijke concurrentie tussen bedrijven, het versterken van de rechtspositie van werknemers en aan de beloning voor werknemers, conform wet- en regelgeving, cao of afspraken bij individuele arbeidsovereenkomst.

Sinds 1 juli 2015 gelden onderstaande maatregelen uit de Wet aanpak schijnconstructies:

Ketenaansprakelijkheid voor loon: werkgever én opdrachtgever aansprakelijk

De werknemer kan nu ook de opdrachtgever van de werkgever aansprakelijk stellen voor betaling van loon waarop hij recht heeft. Dit heet ketenaansprakelijkheid voor loon. Eerder was alleen de werkgever hiervoor aansprakelijk. Zo heeft de werknemer meer mogelijkheden om achterstallig loon op te eisen. Intussen is er een wetsvoorstel om de ketenaansprakelijkheid voor loon ook toe te passen op de vervoersovereenkomst. Doel  van dit voorstel:  werknemers in het goederenvervoer over de weg kunnen bij  onderbetaling ook  andere partijen naast de werkgever aansprakelijk stellen.

Uitwisseling informatie over werkgevers

Vermoedt de Inspectie SZW dat een werkgever een cao niet naleeft? Dan geeft zij dit door aan organisaties van werkgevers en werknemers. Deze organisaties kunnen dan actie ondernemen.

Vaststellen identiteit niet-EU werknemer

In de Wet arbeid vreemdelingen staat hoe de werkgever identiteitsbewijzen van buitenlandse werknemers moet controleren en bewaren. Het gaat om ID-bewijzen van vreemdelingen van buiten de EU (en Kroatië) die worden in- en uitgeleend. De Inspectie SZW kan van de werkgever eisen binnen 48 uur hen de vastgestelde identiteit door te geven.

Maatregelen tegen schijnconstructies sinds 1 januari 2016

Sinds 1 januari 2016 gelden de volgende maatregelen uit de Wet aanpak schijnconstructies:

Duidelijke loonstrook

Werkgevers moeten zorgen dat de loonstrookjes begrijpelijk zijn voor het personeel. Ook moeten zij alle bedragen op de loonstrook duidelijk toelichten. De Inspectie SZW kan werkgevers een boete geven als de loonstrook niet klopt.

Minimumloon via bank betalen

Werkgevers mogen het minimumloon niet meer contant betalen. Wat een werknemer meer dan het minimumloon verdient, mag de werkgever wel contant betalen. De werknemer kan de werkgever wel machtigen om het volledige loon over maken naar een andere bankrekening. Bijvoorbeeld naar de rekening van een schuldhulpverlener, zoals de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in een kamerbrief schrijft.

Inspectie SZW controleert en maakt namen bedrijven openbaar

De Inspectie SZW controleert of werkgevers zich aan de regels voor minimumloon houden. Bij overtreding legt de Inspectie een boete of een dwangsom op. Ook maakt de Inspectie de namen bekend van alle bedrijven die zijn gecontroleerd. Dus van bedrijven die de regels ontduiken, maar ook van gecontroleerde bedrijven die de regels naleven.

Maatregelen tegen schijnconstructies vanaf 1 januari 2017

Vanaf 1 januari 2017 betalen werkgevers het volledige minimumloon. Alle constructies zijn verboden waarbij werkgevers minder dan het hele minimumloon betalen. Bijvoorbeeld wanneer zij ten onrechte maaltijdkosten of verzekeringspremies inhouden op het loon. Op het minimumloon mogen alleen volgens de wet verplichte of toegestane bedragen worden ingehouden. Voorbeelden hiervan zijn belastingen en premies.

Uitzonderingen

De minister is van plan bij AmvB een uitzondering te maken voor huisvestingskosten en kosten van zorgverzekeringen. Ook denkt de minister na over een uitzondering voor arbeidsbeperkte werknemers. Dit staat in de brief over Herziening Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag aan de Tweede Kamer.

Huisvestingskosten en kosten van zorgverzekeringen:

Kosten zorgverzekeringen.

  • Alleen de premie van de basisverzekering. Als maximum geldt daarbij de geraamde gemiddelde premie.
  • Een eventuele herverzekering van het eigen risico mag ook uit het wettelijk minimumloon betaald worden.
  • De werkgever moet daarvoor een schriftelijke volmacht van de werknemer hebben:
    • een afschrift van de zorgpolis en
    • bewijzen van betaling aan de verzekeraar.
  • De premie voor een aanvullende verzekering mag wel rechtstreeks door de werkgever aan de verzekeraar betaald worden uit het deel van het loon dat hoger is dan het wettelijk minimum. Een werknemer die per maand € 50 meer verdient dan het wettelijk minimumloon, kan zijn werkgever dus machtigen om zijn aanvullende verzekering rechtstreeks te betalen (zolang die premie niet méér is dan die € 50 per maand). Werkgevers moeten daar wel voorzichtig mee zijn: als de werknemer bij ziekte minder doorbetaald krijgt, onbetaald ouderschapsverlof opneemt of minder gaat werken, mag de aanvullende verzekering misschien niet meer op het loon worden ingehouden en rechtstreeks aan de verzekeraar betaald worden.
Met betrekking tot de huisvesting kan voorts worden gedacht aan kwaliteitseisen, waardoor alleen kosten voor:
  • woningen van woningbouwcorporaties of
  • ·van private verhuurders met een certificaat voor inhouding op het wettelijk minimumloon in aanmerking komen
  • tot een maximum van 25%
  • Voor de rechtstreekse betaling van de huisvestingskosten van een werknemer geldt per 1 januari 2017 dat werkgevers de volgende gegevens in de administratie moeten bewaren:
    • een schriftelijke volmacht van de werknemer;
    • loonstroken;
    • een afschrift van de huurovereenkomst;
    • gegevens over de verhuurder;
    • zo nodig een bewijs van de certificering van de verhuurder;
    • bewijzen van betalingen aan de verhuurder.

Arbeidsbeperkte werknemers, zoals werknemers in de sociale werkvoorziening. Deze zal afwijken van de hiervoor genoemde uitzondering. Ten eerste zullen meer betalingsverplichtingen onder deze uitzondering komen te vallen, namelijk:

  • huisvestingskosten,
  • de zorgverzekeringspremie,
  • kosten voor nutsvoorzieningen en
  • gemeentelijke en waterschapsbelastingen.

Daarnaast wordt bij inhoudingen op het wettelijk minimumloon van arbeidsbeperkte werknemers niet een maximum bedrag of percentage gehanteerd. Dit onderscheid tussen arbeidsbeperkte werknemers en andere werknemers wordt gemaakt vanwege de bescherming van de eerstgenoemde groep.

Conclusie

Omdat werkgevers vanaf 1 januari 2017 niet minder mogen betalen dan het netto equivalent van het wettelijk minimumloon mag men bepaalde inhoudingen en verrekeningen voor de minimumloners niet meer doen.

Werkgevers moeten zich hier terdege van bewust zijn en al voor het definitief laten berekenen van de salarissen hier rekening mee te houden. Dit geldt niet alleen voor werknemers die op het minimumloon zitten maar ook voor werknemers die meer verdienen dan het wettelijk minimumloon, maar door een inhouding c.q. een verrekening onder het netto equivalent van het wettelijk minimumloon komen.